Stress onder jongeren is wijdverspreid. De redenen zijn veelvoudig en redelijk voor de hand liggend: de onzekere toekomst (klimaat, geopolitiek, economisch), gebrek aan woningen, inflatie en daarmee druk op de portemonnee, studiedruk, sociale media, polarisatie, falend bestuur, snelle technologische veranderingen aangestuurd door AI. Ook het steeds toenemende levenstempo wordt genoemd als belangrijke stressor.
Naast deze maatschappelijke aanleidingen voor stress, zien we ook een gevaarlijk psychologisch verschijnsel: we hebben jongeren geleerd dat stress iets positiefs is. Stress heeft glamour gekregen. Stress wordt verkocht als randvoorwaarde voor succes. We vertellen jongeren dat je alleen carrière kunt maken als je bereid bent een stressvol leven te leiden. Alleen als je volledig gefocust bent op het resultaat, kun je succes verdienen. De beuk moet er altijd in. Je moet steeds weer de strijd aangaan. Je moet altijd ‘aan’ staan. Slapen doe je maar als je dood bent. Zeuren over stress bagatelliseren we.
In een aflevering van het tv-programma Zembla in 2022 verwoorde de Vlaamse hoogleraar psychologie Paul Verhaeghe het als volgt: ‘De jongeren wordt wijsgemaakt dat alles maakbaar is en dat het alleen maar afhangt van hun eigen inspanning. In een neoliberale wereld moeten jongeren ‘ondernemer van zichzelf’ worden. Dan wordt heel dat neoliberaal denkpatroon nog eens op ons lichaam, op ons lijf, geënt, en dan worden we ziek hoor.’ Veel jongvolwassen hebben die ‘verplichting tot vooruitgang en continue groei’ die hoort bij beursgenoteerde bedrijven geïnternaliseerd en kunnen die prestatiedruk niet meer uitzetten. Ze zijn de CEO van de Ik B.V. gemaakt en voelen de voortdurende druk elk kwartaal groeicijfers te laten zien. Aan zichzelf, maar ook aan de buitenwereld.
De relatie die jongeren hebben met stress is gecompliceerd geworden. Aan de ene kant overladen we jongeren met redenen om gestrest te zijn. Aan de andere kant verheerlijken we stress en geven we het ‘glamour’. Vind je het gek dat ze daar dan weer stress van krijgen?
Stress is inmiddels bij een grote groep jongeren een belangrijk thema geworden. En ze zoeken naar manieren er mee om te gaan. Dat kun je onder andere doen door er een nieuwe betekenis aan te geven.
In wetenschappelijke literatuur wordt regelmatig geschreven over ‘stress as a badge of honour’. ‘Trots op stress’ zouden we dat kunnen noemen. Veel jongeren gebruiken stress om zichzelf beter te presenteren aan de buitenwereld, maar stappen daarmee in een gevaarlijke valkuil.
Trots op stress manifesteert zich op vier manieren:
Stress als prestatie: Hoge stress zien als een teken van productief en succesvol zijn, wat vaak leidt tot een gevoel van voldoening. Zolang ik maar stress ervaar, ben ik goed bezig. Als ik geen stress ervaar, ontwikkel ik me te langzaam. ‘Stress is lekker’. Hoe drukker ik ben, hoe sneller ik succesvol word.
Ontspanningswroeging: Spijt ervaren bij het nemen van vrije tijd of ontspanning, omdat niet kan worden ontsnapt aan het knagende gevoel dat werk blijft liggen. Het ontbreken van stress leidt dan tot schuldgevoelens. Eigenlijk had ik deze tijd nuttiger moeten besteden. ‘Luiheid is des duivels oorkussen’. Van niets doen word je niet beter.
Stress gerelateerde sociale vergelijking: Je vergelijkt voortdurend je eigen mate van stress met aannames over het stressniveau van anderen. Het idee hierbij is dat meer stress iemand een hogere status geeft of leidt tot meer succes. Als ik meer stress ervaar dan mijn concurrent dan ben ik aan het winnen. Heb ik wel druk stress? Andere mensen lijken veel drukker, misschien blijf ik wel achter.
Stress gerelateerd impressiemanagement: Jezelf opzettelijk presenteren als gestrest of druk, zodat anderen het idee krijgen dat je belangrijk bent of hoge prestaties aan het leveren bent. ‘Kijk eens hoe druk en gestrestst ik ben!’ ‘Ik heb nu geen tijd voor je.’
Stress is zeker niet noodzakelijk iets negatiefs. Om te beginnen in de prehistorie: vanuit een evolutionair perspectief kunnen we stress vooral zien als een instrument om te overleven. Stress zet ons in de ‘vecht of vlucht’ modus. De adrenaline maakt ons scherper, meer gefocust. Door stress versnelt onze ademhaling en gaat onze hartslag omhoog. Zo lopen onze spieren vol zuurstofrijk bloed. In de prehistorie hadden we die stress nodig om hard te kunnen weglopen voor alle gevaren die ons omringden en om succesvol te kunnen jagen op dieren die vele malen groter en gevaarlijker waren dan wijzelf. Stress was noodzakelijk.
Wat prehistorische mensen ook wisten (of instinctief deden) was dat herstellen na een periode van stress belangrijk was. In tegenstelling tot wat we vaak denken, besteedden prehistorische mensen veel tijd aan niksen. Als het eten binnen was, hingen ze maar wat rond. Ze deden dutjes, ze knutselden wat, ze vertelden elkaar verhalen of maakte muziek en ze staarden naar de wolken.
Deze gezonde relatie met stress hebben we als mensen duizenden jaren volgehouden. De bewieroking van druk en stress is pas iets van de laatste halve eeuw. Stress, druk en lange dagen werken waren lange tijd een teken van sociale achterstand, van een onsuccesvol bestaan. We spraken over ‘loonslaaf’, ‘sloof’ en ‘ploeteraar’. Daar tegenover stond, tot ver in de twintigste eeuw nog, de zogenaamde ‘leisure class’. Leden van deze bovenlaag voerden juist zo min mogelijk uit. Dat was het grote doel dat je nastreefde. Een beetje jagen, een beetje reizen, veel diners, borrels, tuinfeesten en soirees. Het ontbreken van stress was juist een teken van succes. Wie het druk had, was nog niet gearriveerd.
Natuurlijk hoeven we niet terug naar die tijden. Dat zou ook helemaal niet kunnen in onze kapitalistische, versnellende, op prestatiegerichte maatschappij. Stress is onlosmakelijk verbonden met de levens die jonge mensen leiden, dat is een harde realiteit, maar we kunnen wel proberen stress minder aantrekkelijk te maken. We moeten stress niet langer verheerlijken en we moeten jonge mensen helpen hun stressniveaus te reguleren. Meer rustmomenten leren inbouwen. Minder socials. Meer samen praten en eten. Waardevolle traagheid boven nutteloze drukte plaatsen. Kortom: de gekte moet eruit.
Niet langer ‘trots op stress’, maar ‘trots op relaxed’.